De Collegiale Notre-Dame (Collegiale Onze-Lieve-Vrouwekerk) is een gotisch monument uit de 13e eeuw en is gebouwd van kalksteen uit Dinant. De bouw begint in 1227 en duurt tot halverwege de 14e eeuw. De patrones van de kerk is Onze-Lieve-Vrouw Tenhemelopneming. Aan de rechterzijde van de kerk is een romaans portaal uit de 13e eeuw. In de gewelven is ook de kroning van Maria te zien.
Bij het priesterkoor hangt het schilderij van Onze-Lieve-Vrouw Tenhemelopneming uit ±1700.
Het westelijk portaal, op het penant, een muurdeel tussen de gevelspanningen, toont een neogotisch beeld van Maria.

In het noordelijk portaal is het laatste overblijfsel van de kerk uit de 12e eeuw. Hier is het restant van een verweerde beeltenis van Maria met haar kind op schoot.
Het retabel van het hoogaltaar is uit de 2e helft van de 19e eeuw. Het ontwerp is van architect en pionier van de neogotiek in België, Jean-Baptiste Charles François (Jean) Béthune (1821-1894). De gebeeldhouwde onderdelen zijn afkomstig van het atelier Bressers-Blanchaert te Gent. De doeken zijn gemaakt door de Luikse kunstschilder Jules-Chrétien Charles Joseph-Henri (Jules) Helbig (1821-1906). Hier zijn fasen uit het leven van Maria verbeeld.
In de kerk stat ook en beeltenis van de tronende/zittende Maria met Kind van eikenhout uit het begin van de 14e eeuw.
Ook is in de kerk een staakmadonna met Moeder met Kind aanwezig. Beide zijn statig gekleed en gekroond.

Heel bijzonder in de kerk is het mariaal glasraam dat in 1903 aan de zuidelijke zijbeuk is gemaakt door de Gentse glazenier Gustaaf Ludovicus Maria (Gustave) Ladon (1863-1942). Met het realiseren van dit werk is de restauratie van de kerk afgerond, die in 1860 is gestart. Het glasraam is een ontwerp in de gotische stijl uit de 13e eeuw en heeft de volgorde van links naar rechts en van onder naar boven. Het toont afbeeldingen uit het Oude Testament met verwijzingen naar Maria en levensfasen van Onze-Lieve-Vrouw. Dit glasraam toont dat er met licht is geschilderd. Het kunstwerk is het grootste, neogotische glasraam in Europa.
In 1466 is de stad geheel verwoest door Bourgondiërs onder leiding van hertog Karel de Stoute (1433-1477), ook genoemd de roekeloze. Ook de kerk lijdt dan veel.
De bolvormige klokkentoren is oorspronkelijk bedoeld voor het toenmalige schepenhuis op de brug over de Maas. Deze bol wordt in 1566 op de kerk geplaatst, omdat het dak te zwaar is voor het schepenhuis.
In 1914 (Grote Oorlog/Eerste Wereldoorlog, 1914-1918) wordt Dinant voor de tweede keer vernield en ook dan loopt de kerk veel schade op.
Adres: Place Reine Astrid 1, 5500 Dinant.
~~~



